
 
Inhoud
- Hoofdstuk 1

Wat zijn emoties?
Kunnen emoties en gevoelens door een bioloog worden geanalyseerd? Wat hebben ze met evolutie te maken? Om een antwoord te vinden op deze vragen wordt de emotie ‘angst’ grondig geanalyseerd. Hetzelfde gebeurt met ‘seksuele jaloezie’. Er wordt bekeken waartoe deze emoties dienen en hoe de evolutie ze kan hebben gemaakt. Voor het eerst wordt een duidelijke, bruikbare, wetenschappelijke definitie gegeven van het begrip ‘emotie’. Het wordt vergeleken met een dirigent in ons brein.
- Hoofdstuk 2

Basisemoties
De basisemoties zijn de eenvoudigste en oudste emoties. Als voorbeelden worden vreugde, verdriet, woede, verbazing en walging grondig opengesneden. Wat is hun nut? Hoe uiten ze zich en wat doen ze moet ons brein? Welke voordelen brachten ze op voor onze voorouders zodat ze door natuurlijke selectie werden bevoordeeld? Hoe sluipen de basisemoties stilletje onze cultuur binnen?
- Hoofdstuk 3

Complexe emoties
Complexe emoties zijn verder geëvolueerd dan de basisemoties en komen hoofdzakelijk voor bij de mens. Via deze emoties controleert het brein in hoeverre standaarden en normen worden gevolgd. Als voorbeelden worden schaamte, schuldgevoel en trots op de dissectieplank gelegd.
- Hoofdstuk 4
De hersenen als wieg van emoties
Gevoelens en emoties ontstaan niet in het niets, ze manifesteren zich niet in het ijle, maar hebben een biologisch substraat waarin ze worden gemaakt. Dat zijn de hersenen. Onderzoek heeft al veel duidelijk gemaakt over waar en hoe gevoelens in ons brein tot stand komen.
Om dat te illustreren worden verschillende hersendelen onder de loep gelegd. Centraal staat de amandelkern of amygdala. Maar ook verschillende gebieden uit de evolutionair modernere hersenschors worden bekeken.
Het is opvallend hoe sterk bepaalde gevoelens aan welbepaalde gebieden kunnen gekoppeld zijn en hoe de ‘kleur’ van een gevoelen weer op een andere plaats wordt gemaakt.
- Hoofdstuk 5

De scheikunde van gevoelens
Niet alleen de hersenen tonen de materiële basis van gevoelens en emoties aan, ook verschillende moleculen zijn ware biologische agenten die gevoelens kunnen tot stand brengen, versterken of onderdrukken. Enkele hormonen en neurotransmitters passeren de revue: oxytocine, endorfines, vasopressine, serotonine, dopamine, adrenaline, testosteron… Gevoelens blijken ook een chemische aangelegenheid te zijn.
- Hoofdstuk 6
Sociaal gedrag en emoties
In het laatste hoofdstuk wordt teruggekomen op het evolutionaire belang van emoties, meer bepaald de manier waarop ze een essentiële rol hebben gespeeld om de menselijke samenwerking mogelijk te maken. Samengevat: zonder emoties geen samenwerking, zonder samenwerking geen mens. We maken kennis met de organisatie van samenwerking, met communicatie van emoties en met empathie waarvoor een verklaring wordt gezocht in de werking van spiegelneuronen, een van de meest merkwaardige bevindingen in het hersenonderzoek van de laatste jaren.
Uitsmijter
Om af te sluiten wordt even stilgestaan bij praktische besluiten, bijvoorbeeld hoe kan woede worden onderdrukt, en wordt een antwoord gezocht op enkele prangende vragen, zoals waarom geluk niet blijft duren. Een belangrijk besluit is dat emoties een essentiële machine vormen in ons brein met als functie ons in een sociale context in leven te houden, dat ze grotendeels bepaald worden door genen, maar dat die genen nooit onze baas mogen worden.
<< terug
|