

Wat verstaat men onder ‘niveaus’ van gedrag?
Ons gedrag kent veel niveaus en elk niveau maakt deel uit van een hoger niveau, het hoogste niveau zelf natuurlijk uitgezonderd. Er bestaat als het ware een hiërarchie in gedragingen of gedragselementen. Op elk niveau kan op één ogenblik slechts één gedrag actief zijn, en dat op basis van de invloeden die op zeker moment de overhand hebben om gedrag uit te lokken. Is dat duidelijk? Nee, natuurlijk niet. Dit vrij abstracte schema wordt bevattelijker met een voorbeeld. We kiezen een voorbeeld uit het voortplantingsgedrag, omdat dit systeem zeer uitgebreid is en dus veel voorbeelden biedt. Een andere reden voor dit voorbeeld is dat de voortplanting het voornaamste werkterrein is bij de natuurlijke selectie, en dus erg belangrijk is voor de ontwikkeling van nieuwe structuren in de levende natuur. Voor de duidelijkheid houden we de behandeling van dit voorbeeld weer zeer eenvoudig, in feite bekijken we het iets te simplistisch, maar daarom is het niet minder juist.
In een normaal mensenleven wordt onder invloed van hormonen en van invloeden uit de sociale omgeving op een goed ogenblik de motivatie voor de voortplanting in gang gezet. Er start een gedragssysteem dat een groot deel van een mensenleven kan voortduren. Dat bepaald ogenblik is niet in uren of dagen uit te drukken, maar spreidt zich uit over maanden, ergens in de levensfase die we op basis van vele factoren de 'puberteit' noemen. In dat stadium wordt het eerste niveau van 'voortplanting' aangevangen. Het organisme – de jongen of het meisje – begint aan een hiërarchie van gedragssystemen die onder de noemer 'voortplanting' vallen ...
zie verder p.58
<< terug
|