

We hebben taalgebieden in de hersenen om te spreken.
Maar ook om te schrijven?
… De taal zoals we die tot nu hebben behandeld, is een gesproken taal en die werd gebruikt gedurende wellicht enkele of vele (?) honderdduizenden jaren. In die periode in ons Moederland heeft de evolutie via de natuurlijke selectie gewerkt aan dit gedragsfenomeen, heeft het de programmatuur gekneed en bijgeschaafd. In die enorm lange tijdsspanne is taal gegroeid van een primitieve, sociale geluidsproductie tot communicatie met een ingewikkelde grammatica.
Het schrijven en lezen echter, het omzetten van de gesproken symbolen in sematectonische symbolen (denk even terug aan hoofdstuk 8), is bijzonder recent. Historici vertellen ons dat de mens pas enkele duizenden jaren geleden een schrift ontwikkelde. Dat is voor de evolutie veel te kort om er greep op te kunnen hebben. Natuurlijke selectie werkt over een tijdsspanne van veel duizenden, liefst miljoenen jaren. Daardoor heeft de evolutie nog geen programma in onze computer gebrand om schrijven en lezen mogelijk te maken. Dat programma schrijven we zelf als kind en elk kind doet het opnieuw.
…
Ons brein heeft dat zelf opgelost, namelijk door een gebied tussen de visuele schors en het gebied van Wernicke in te schakelen. Dat gebied heet de gyrus angularis (onofficieel te vertalen als 'hoekige hersenkronkel'). Die gyrus angularis doet iets wonderlijks. Hij kan de woorden die we zien, omzetten in klank … zie verder p. 306
<< terug
|