

Hoofdstuk 1
Evolutie kneedt gedrag
Mark Nelissen
In dit inleidend hoofdstuk gaan we na hoe de evolutie via natuurlijke selectie greep kon hebben op het gedrag, hoe dit gedrag verklaard kan worden als een complex systeem dat massa’s adaptaties inhoudt. Die adaptaties waren nodig om de vele problemen op te lossen waarmee onze voorouders gedurende honderdduizenden werden geconfronteerd.
Het gedrag van vandaag de dag moet dan ook begrepen worden als aangepast aan een ver verleden en aan een plaats die niet steeds dezelfde is dan waar we nu wonen.
Daarom spreken we van een environment of evolutionary adaptedness, of EEA.
Een belangrijk punt om gedrag te begrijpen is de inclusieve fitness: men scoort ook voortplantingssucces via de verwanten omdat zij meer genen met ons delen dan vreemden! En dat verklaart veel altruïstisch gedrag. Altruïsme tussen niet-verwanten kan dan weer begrepen worden door het wederkerigheidsprincipe ‘voor wat hoort wat’.
Een interessante en verklarende visie van de evolutiepsychologie is het bestaan van gespecialiseerde modules in het brein. Elk module is een programma dat een welbepaald probleem moet oplossen. Elk van deze modules is gekneed door de natuurlijke selectie.
Tot slot besteedt dit hoofdstuk aandacht aan de vele misverstanden die blijven bestaan over de evolutionaire verklaring van menselijk gedrag. Er is ruim voldoende wetenschappelijk onderzoek gedaan om te weten dat de toepassing van het darwinisme op de mens geen just so stories zijn.
<< terug
|